
Martin’s spurge
Euphorbia martini 'Waleutiny' TINY TIM
Overzicht
Martinswolfsmelk (Euphorbia martini 'Waleutiny' TINY TIM) is een ongelooflijk unieke en dramatisch uitziende plant die een dramatisch tintje geeft aan elke buitenruimte. Het is een snelgroeiende en groenblijvende struik die tussen de 12 en 18 centimeter lang en breed wordt met een natuurlijk heuvelachtige vorm. De kleine, diepgroene bladeren verkleuren in de winter bronsrood. In het voorjaar en de zomer produceert de plant gele bloemen omgeven door witte schutbladeren. Martinswolfsmelk is ongelooflijk winterhard – hij kan temperaturen tot -20°C aan – en verdraagt ook droogte, volle zon en winderige kustomstandigheden, waardoor het een ideale keuze is voor moeilijk te kweken gebieden. Hij is veelzijdig en aanpasbaar, en voegt een vleugje kleur toe aan ieders tuin.
Verzorgingsgids
Water geven
Geef de Martinswolfsmelk (Euphorbia martini 'Waleutiny' TINY TIM) water als de grond droog aanvoelt, ongeveer eens in de 7-10 dagen. Het is belangrijk om de grond elke paar dagen te controleren, deze mag niet te droog worden. Geef de plant diep water, zorg ervoor dat je het hele wortelsysteem doordrenkt en totdat er water uit de drainagegaten op de bodem van de pot sijpelt. Geef deze plant niet te veel water, omdat dit tot wortelrot kan leiden.
Licht
Martinswolfsmelk (Euphorbia martini 'Waleutiny' TINY TIM) geeft de voorkeur aan volle tot gedeeltelijke zon. Deze plantensoort zou elke dag minimaal 6 uur direct zonlicht moeten krijgen en kan zelfs tot 8 uur indirect zonlicht per dag verdragen. Te weinig zonlicht kan ervoor zorgen dat de plant langwerpig wordt of mogelijk niet bloeit. Als de zon te intens is, kunnen de bladeren verschroeien en begint de plant te verwelken. Voor een gezonde groei en bloei is het belangrijk om Martinswolfsmelk elke ochtend 2 tot 3 uur direct zonlicht en 2 tot 3 uur in de avond te geven.
Temperatuur
Winterhardheidszone 6–10.
Snoeien
Snoeien voor Martinswolfsmelk (Euphorbia martini 'Waleutiny' TINY TIM) dient tweemaal per jaar te gebeuren, in het voorjaar en in het najaar. Snijd de plant in het voorjaar terug tot ongeveer 15 cm van de grond, zodat er meer scheuten aan de basis van de plant achterblijven. Dit stimuleert nieuwe groei met frisse nieuwe bladeren en bloemen. Snoei in de herfst eventuele beschadigde of overwoekerde delen van de plant. Als de plant bijzonder groot is, kun je hem terugsnoeien tot een kleiner formaat om hem netjes te houden. Snoeien moet voorzichtig gebeuren met een scherpe tuinschaar of een snoeizaag. Het verwijderen van dode bladeren en bloemhoofdjes van de plant helpt ook om gezond te blijven en nieuwe groei te bevorderen.
Vermeerdering
Zaadvoortplanting, stekken, delen, voortplanting in lagen
Related plants
Other plants you might like if you grow Martin’s spurge.







